1
Zet 125 g rijst op in de dubbele hoeveelheid water met zout en kook afgedekt in 20-25 minuten gaar en droog.
2
Verwarm een scheut olie in een wok of hapjespan. Halveer 1 stuk ui en snij in dunne halve ringen. Bak op stevig vuur tot ze wat bruinen. Voeg als de ui glazig is wat zout toe en pers 1 teentje knoflook erbij.
3
Snij 2 stengels lente-ui in stukken van ca. 2 cm en snij een klein deel van het donkergroene deel in ringetjes voor garnering later. Snij ¾ stuks rode peper in ringetjes (laat eventueel zaadlijsten zitten voor meer pit). Hak 1 teentje knoflook fijn. Voeg de rode peper en lente-ui bij de ui en bak rustig verder.
4
Breng een laagje (ca. 3 cm) water met wat zout aan de kook. Verwijder eventueel lelijke delen van de stronk van 1 stuk broccoli en snij in dunne halve maantjes (zie NB). Snij de roosjes in hapklaar formaat. Kook de broccoli afgedekt beetgaar in 3 à 4 minuten. Giet en spoel koud af.
NB. Broccolistronken kunnen sterk in gewicht verschillen. Wij raden in dit gerecht 400 – 450 gram broccoli aan voor 2p.
5
Voeg 200 g gehakt toe aan het ui-mengsel en bak rul. Voeg op het laatst 1 el ketjap toe met een scheutje water voor de smeuïgheid en schep de afgegoten broccoli erdoor.
6
Schep wat milde olie door de gare rijst voor een glansje. Snij ½ stuk limoen in partjes.
7
Serveer de roerbak direct op de rijst en garneer het geheel met de achtergehouden lente-ui en de partjes limoen. Serveer er sambal bij voor extra pit.