Snij ½ stuk bloemkool in plakken van ca. 1,5 cm, het geeft niet als er roosjes vanaf vallen. Verdeel over een met bakpapier beklede bakplaat, besprenkel met olie, bestrooi met ¼ tl komijnpoeder, peper, zout en bak ca. 20 minuten in de voorverwarmde oven.
3
Snij ¾ stuk aubergine in blokjes van ca. 2 cm. Verwarm olie in een grote koekenpan of wok en bak in 10-15 minuten gaar op hoog vuur (laat het lekker goed bruin bakken). Breng op smaak met zout en peper en bestrooi eventueel met wat paprikapoeder naar smaak.
4
Verwijder het loof en hart van 1 stuk venkel en snij in plakjes. Voeg als de aubergine bijna gaar is de venkel toe. Bak tot de venkel beetgaar en wat gebruind is. Schud af en toe om.
5
Meng 3 el yoghurt samen met 1 el mayonaise, 1 el sojasaus, ¼ tl komijnpoeder, ½ teentje knoflook geperst en een kneepje citroensap en breng op smaak met zout en peper.
6
Warm 1 pakje linzen incl. vocht op in een klein pannetje en giet af.
7
Hak 1 bosje munt fijn en snij ½ stengel lente-ui in dunne ringetjes. Spoel 1 zakje rucola af en snij grof. Meng al dit groens met de linzen, 1 el olijfolie extra vierge en 1 el balsamicoazijn. Breng op smaak met zout en peper.
8
Geef ieder een plak bloemkool, schep er linzensalade op en daaroverheen de gebakken aubergine, gebakken venkel en het yoghurtsausje. Garneer met 60 g granaatappelpitjes en 1 zakje pecannoten.