Snij 2 stuks gehaktballen in plakjes en leg in een ovenschaaltje. Zet een timer op 20 minuten en bak de laatste 7 minuten het stokbrood mee.
3
Meng in een schaaltje 1 el rijst- of witte wijnazijn met 1 tl (riet)suiker (tip: heb je gezoete rijstazijn, dan kan je de suiker weglaten). Snij ½ stuk komkommer in dunne plakjes. Voeg bij de azijn. Schep tussentijds om.
4
Schil 250 g zoete aardappel en snij in kleine blokjes van 1-2 cm. Verwarm olie in een afdekbare wok of koekenpan. Bak de zoete aardappel op middelhoog vuur tot beetgaar. Schep af en toe om.
5
Rasp ½ stuk limoen en pers het sap. Meng in een slakom het limoensap (1el bij 2p), rasp, 1 el olijfolie extra vierge en wat zout. Schil 100 g wortel en rasp met een grove rasp. Snij ½ bosje radijs in dunne plakjes. Hak ½ bosje koriander fijn. Voeg alles toe en meng goed.
6
Zet een steelpannetje op met 100 g katjangsaus en voeg per 100 gram, 100 ml water toe. Warm langzaam op tot een gladde pindasaus. Blijf roeren. Voeg nog wat water toe als de saus te dik wordt.
7
Snij een half stokbrood p.p. open en beleg met plakjes gehaktbal, katjangsaus en ingelegde komkommer. Serveer het broodje bal samen met de wortel-radijssalade en zoete aardappel.